Editie december 2018

---

Mag ik mijn vakantiedagen meenemen naar 2019?

Het nieuwe jaar staat al weer voor de deur. Veel werknemers denken dat zij hun vakantiedagen voor het einde van een kalenderjaar op moeten nemen, omdat deze dagen anders komen te vervallen. Dit is echter niet juist. Hoe zit het ook al weer met de resterende vakantiedagen van 2018, mag je deze meenemen naar 2019? Voor het antwoord op deze vraag dient een onderscheid te worden gemaakt tussen de wettelijke en de bovenwettelijke vakantiedagen.

Wettelijke vakantiedagen
Iedere werknemer heeft recht op een minimum aantal vakantiedagen per jaar. Dit aantal bedraagt viermaal de overeengekomen arbeidsduur per week. Een werknemer die 40 uur per week werkt heeft dus recht op minimaal 160 vakantie-uren per jaar, of wel 20 vakantiedagen per jaar.

De wetgever vindt het belangrijk dat werknemers met enige regelmaat hun vakantiedagen opnemen en deze dagen niet eindeloos opsparen. Daarom is in de wet opgenomen dat de wettelijke vakantiedagen, die in een bepaald kalenderjaar niet zijn opgenomen, zes maanden na het kalenderjaar waarin deze dagen zijn opgebouwd, vervallen. De wettelijke vakantiedagen die u in 2018 heeft opgebouwd, dienen dus vóór 1 juli 2019 te zijn opgenomen. Anders komen deze dagen definitief te vervallen.

Een uitzondering op de vervaltermijn van zes maanden geldt op het moment dat de werknemer buiten zijn eigen schuld om de vakantiedagen niet heeft kunnen opnemen. Dit is bijvoorbeeld het geval als de werknemer door toedoen van de werkgever niet (voldoende) vakantiedagen heeft kunnen opnemen. In dat geval verjaren de vakantiedagen pas na vijf jaar. De werknemer dient te bewijzen dat deze uitzondering zich voordoet, hetgeen niet snel zal worden aangenomen.

Ook is het is mogelijk om met de werkgever (schriftelijk) een langere vervaltermijn af te spreken of kan in een CAO een langere vervaltermijn zijn opgenomen.

Bovenwettelijke vakantiedagen
De bovenwettelijke vakantiedagen zijn de vakantiedagen die een werknemer extra opbouwt bovenop de wettelijke vakantiedagen. Indien een werknemer 40 uur per week werkt en per jaar recht heeft op 25 vakantiedagen, dan bouwt deze werknemer per jaar 20 wettelijke vakantiedagen en daarnaast 5 bovenwettelijke vakantiedagen op.

Voor de bovenwettelijke vakantiedagen geldt een minder strikte regeling. De bovenwettelijke vakantiedagen vervallen vijf jaar na het  kalenderjaar waarin deze dagen zijn opgebouwd. De bovenwettelijke dagen die u in 2018 heeft opgebouwd, verjaren dus pas op 1 januari 2024. Deze dagen dienen dus voor 1 januari 2024 te worden opgenomen, daarna komen deze dagen te vervallen. 
Zelfs na de termijn van vijf jaren kunt u voorkomen dat u de bovenwettelijke vakantiedagen kwijtraakt. U moet hier dan wel tijdig een beroep op doen.  Dit is niet mogelijk voor de wettelijke vakantiedagen. 
Vanwege het verschil in de geldigheidsduur van de vakantiedagen dient een werkgever de opgenomen vakantiedagen eerst in mindering te brengen op de wettelijke vakantiedagen.

---

Invoering Compensatieregeling Transitievergoeding 

Sinds de invoering van de Wet Werk en Zekerheid (“WWZ”) heeft ook een werknemer die langer dan 2 jaar ziek is en van wie het dienstverband wordt beëindigd, recht op een transitievergoeding. Voorheen was dit niet zo. Veel werkgevers vinden dit onterecht, omdat zij al ruim 2 jaar tijd, kosten en energie in de re-integratie hebben gestoken en al die tijd ook (in ieder geval voor 170% over 2 jaar) het loon hebben moeten doorbetalen.

Kosten voorkomen met slapend dienstverband?
Om deze kosten te voorkomen, zijn er werkgevers die het dienstverband na 2 jaar ‘slapende’, dus in stand laten. In dat geval hoeft er geen transitievergoeding te worden betaald en ook geen loon meer, omdat die verplichting na 2 jaar ziekte stopt. De werknemer kan dan vervolgens zelf bij de Kantonrechter om beëindiging van het dienstverband vragen, maar dat wil niet zomaar zeggen dat er dan aanspraak kan worden gemaakt op een transitievergoeding, omdat er dan sprake moet zijn van ernstig verwijtbaar handelen of nalaten van de werkgever. Bijvoorbeeld doordat deze tekortschiet in het nakomen van re-integratieverplichtingen. De andere kant van de medaille is dat een slapend dienstverband  gereactiveerd kan worden indien de werknemer, daar kunnen soms jaren overheen gaan, weer gedeeltelijk of geheel arbeidsgeschikt wordt en (passende) arbeid claimt. Een werkgever is verplicht om, gedurende de duur van de arbeidsovereenkomst, passende arbeid aan te bieden.

Compensatieregeling Transitievergoedingen biedt oplossing
De invoering van de Compensatieregeling Transitievergoeding biedt ter zake voor de werkgever, maar ook voor de werknemer, een oplossing. In geval van beëindiging van het dienstverband kan de werkgever de betaalde transitievergoeding in de toekomst van het UWV terugvorderen. Dit zal naar verwachting kunnen vanaf 1 april 2020. Indien een werkgever een transitievergoeding voor 1 april 2020 heeft betaald, kan dit tot 6 maanden na de inwerkingtreding (1 april 2020) van het UWV teruggevorderd worden.

Voorwaarden voor terugbetaling door UWV
Een werkgever moet dan de volgende stukken bij het UWV indienen:

• De arbeidsovereenkomst;

• Het bewijs van betaling van de vergoeding;

• De berekening en onderliggende bewijsstukken, waaruit blijkt waarop de transitievergoeding is gebaseerd, inclusief overlegging van loonstroken waaruit het loon tijdens ziekte blijkt. Uitsluitend de transitievergoeding berekend over de periode tot en met 2 jaar ziekte zal worden vergoed. Het UWV zal dus niet het gedeelte van de transitievergoeding compenseren, voor zover deze is gebaseerd op de duur van de arbeidsovereenkomst na 2 jaar ziekte;

• Bewijsstukken waaruit blijkt dat de arbeidsovereenkomst op grond van de langdurige arbeidsongeschiktheid is geëindigd. Dit kan dus een ontbindingsbeschikking, ontslagvergunning of een vaststellingsovereenkomst zijn;

• Een verklaring van de werkgever dat werknemer ziek/arbeidsongeschikt was op het moment dat de arbeidsovereenkomst tot een einde is gekomen, een vermelding van de ziekteperiode en de naam en contactgegevens van de bedrijfsarts. Is er sprake van een ontslagvergunning, dan is dit niet vereist;

Ook gunstig voor werknemer
Deze compensatieregeling is ook voor werknemers gunstig, omdat het de werkgever over de streep kan trekken om een transitievergoeding te betalen en het dienstverband dus niet slapend te houden, nu deze bij het UWV teruggevorderd kan worden.

---

Wat te doen met eigendommen van kinderen bij een echtscheiding

Indien een echtpaar in gemeenschap van goederen getrouwd is dan zal bij een echtscheiding de huwelijksgoederengemeenschap verdeeld moeten worden. In beginsel dient dat bij helfte gedaan te worden. Als er minderjarige kinderen zijn met eigendommen zoals een spaarrekening, dan vallen die eigendommen echter niet in de huwelijksgoederengemeenschap van de ouders.

Ouderlijk gezag
Als gehuwde ouder heb je ouderlijk gezag over een minderjarige kind. Dat ouderlijk gezag houdt onder meer in dat je als ouder het bewind voert over het vermogen van je kind. Dit betekent dat je goed voor het vermogen van het kind moet zorgen. Het is ouders verboden om geld van een spaarrekening van een kind te halen voor eigen belang. Mocht een ouder geld van een kind verspillen, dan heeft het kind het recht om na zijn/haar 18e verjaardag de ouder hiervoor aansprakelijk te stellen. Tijdens de minderjarigheid kan daartoe een bijzonder curator voor het kind aangesteld worden, die de ouder aansprakelijk kan stellen. Het is overigens wel van belang dat duidelijk is dat het spaargeld van het kind is. Dat kan bijvoorbeeld blijken uit de tenaamstelling van de rekening of correspondentie over de bewuste bankrekening of omschrijvingen van de stortingen.

Buiten huwelijksgoederengemeenschap
Aangezien het vermogen van het kind zelf is, valt het niet in de huwelijksgoederen-gemeenschap en kan het bij echtscheiding niet verdeeld worden. Wel worden vaak afspraken gemaakt over het beheer van de (spaar)rekening van de kinderen.

Indien er voor een kind een kapitaalpolis is afgesloten, waarvoor een periodieke premie betaald moet worden, dan ben je als ouders verplicht tot de 18e verjaardag van het kind deze premie te blijven betalen. Dit soort afspraken worden vaak vastgelegd in het ouderschapsplan.

---

EU-ministers willen nieuwe wet om failliete bedrijven te redden

EU-ministers van Justitie willen dat ondernemers meer kans krijgen om hun onderneming te redden bij een dreigend faillissement. Ze zijn het in Luxemburg eens geworden over een richtlijn die tijdige herstructurering van een bedrijf in problemen mogelijk maakt, om te voorkomen dat het op de fles gaat.

Veel baanverlies door faillissementen
"Elk jaar verliezen 1,7 miljoen mensen in de EU hun baan omdat het bedrijf waar ze werken failliet gaat", zei de Oostenrijkse minister van Justitie Josef Moser. "We moeten robuuste regels hebben om het aantal faillissementen omlaag te krijgen en ervoor zorgen dat fatsoenlijke ondernemers een tweede kans krijgen."

Cultuurverschil Europa en de VS
In Europa bestaat - anders dan in bijvoorbeeld de VS - de cultuur om bedrijven te liquideren als het niet goed gaat in plaats van te kijken naar andere mogelijkheden, met de bank erbij. Over de definitieve richtlijn moet nog worden onderhandeld met het Europees Parlement, maar de ministerraad verwacht al begin volgend jaar het wetsvoorstel te kunnen afronden.

---